Waarom veranderde de definitie van gft-afval in 2019?
Er wordt té veel voedsel verspild. De Vlaamse overheid en de spelers uit de hele voedselketen engageren zich om het voedselverlies tegen 2020 te verminderen met 15%. Geen afval produceren staat dus voorop. Maar het voedsel dat niet meer voor consumptie in aanmerking komt, kan op een duurzame wijze ingezameld en verwerkt worden tot nieuwe producten, waaronder compost. Zo kan het afval nog een nuttige bestemming krijgen als meststof, bodemverbeterend middel of voor gebruik in potgrond.
Tot 2019 werd er bij de burgers nog geen selectieve inzameling van vlees- en visresten georganiseerd. Vlees- en visresten hoorden bij het restafval. In de nasleep van allerlei voedselcrisissen is er beslist om met het gft-afval geen vlees- en visresten mee in te zamelen. In 2000 trad er bovendien een Europese Verordening in voege die een specifieke verwerking oplegde voor alle bijproducten van dierlijke oorsprong, waaronder ook keukenafval, dat vlees- en visresten bevat. Alhoewel compostering in de praktijk een zeer adequate verwerkingsmethode is voor dit soort afval, werden met deze regelgeving niet haalbare randvoorwaarden aan de compostering opgelegd.
Recent onderzoek heeft (nogmaals) aangetoond dat de verwerking van vlees- en visresten via de Vlaamse composteerinstallaties veilig is. Dit is bevestigd met een erkenning van de OVAM.