Ledenuitstap 2025

 

Van 2 tot 4 september organiseerde Vlaco een inspirerende studiereis voor haar leden naar Zweden en Denemarken. We waren met 30 deelnemers, een mooie diverse groep, met vertegenwoordiging van zowel de composterings- als de vergistingssector, kleinere en grotere bedrijven, publiek en privé. We bezochten zes sites rond vergisting, compostering en duurzame teeltsubstraten. Op het eerste zicht voor Vlaanderen gekende technologieën, maar op elke site zijn interessante innovaties doorgevoerd.

Dinsdag 2 september

Op de eerste dag van de ledenuitstap stonden meteen drie erg uiteenlopende bedrijfsbezoeken in Zweden gepland. Een vergistingsinstallatie, een boomkweker en een afvalintercommunale. 

In de vergistingsinstallatie van VH Biogas Vårgårda vergist men specifieke afvalstromen van nabijgelegen bedrijven (slachtafval, resten van diervoederproductie, …) met grote hoeveelheden rundermest. De focus ligt hier duidelijk  op de productie van biogas. Het biogas wordt na opwaardering tot biomethaan via een 4 km lange pijpleiding naar een tankstation geleid. Het digestaat wordt gescheiden in een dunne en een dikke fractie. De dunne fractie wordt in een soort ruilsysteem in de landbouw afgezet. Landbouwers leveren de mest en nemen gelijke hoeveelheden dunne fractie digestaat af als organische meststof. Omwille van de rundermest is de dikke fractie digestaat vezelrijk en kan deze gebruikt worden in substraten. VH Biogas Vårgårda bouwde een aardappelwasser om tot een ontpakkingslijn om onzuiverheden, vooral verpakkingen,uit inputstromen te halen. Een experiment dat tot zeer goede resultaten bleek te leiden.

Een boomkweker bezoeken? Dat leek voor onze composteerders en vergisters minder voor de hand liggend. Toch werd bij aankomst meteen duidelijk waarom de indrukwekkende site van Essunga Plantskola het bezoeken waard is. Sinds een aantal jaar produceren ze hun eigen boomsubstraat op basis van veen, dikke fractie van VH Biogas Vårgårda én zelf geproduceerde biochar. Voor dit laatste bouwde men een pyrolyse-installatie waarin zuivere houtchips (restproduct van houtproductie) verwerkt worden. Essunga Plantskola is steeds op zoek om de boomsubstraten verder te verduurzamen. Tijdens de rondgang op de kwekerij toonde men hoe een relatief dikke laag (ca. 5 cm) van dikke fractie digestaat als mulch onder de bomen gestrooid wordt. 

We eindigden de dag op de zeer grote, indrukwekkende site van afvalintercommunale Borås Energi och Miljö. Naast o.a. een waterzuivering en een verbrandingsinstallatie biedt deze site ook plaats aan een vergistingsinstallatie van selectief ingezameld bio-afval. We kregen op deze site ook het Zweedse afvalbeleid toegelicht door Afvall Sverige, die 290 gemeenten in Zweden vertegenwoordigt. De meeste vergistingsinstallaties in Zweden zijn lid van Afvall Sverige. In 2023 organiseerde 95% van de gemeenten selectieve inzameling van keukenafval. Er wordt gemiddeld 44 kg per persoon, per jaar ingezameld. In de laatste 2 decennia is er in Zweden een evolutie van voorvergisting met nacompostering, naar bijna uitsluitend vergisting van het bio-afval. De focus ligt steeds meer op biogasproductie, maar Afvall Sverige is ook eigenaar van een quality assurance system voor digestaat en compost. Zweden neemt een voortrekkersrol op om een Europese norm voor vergistbaarheid te ontwikkelen.

Woensdag 3 september

Op woensdag drie september reisden we per ferry door naar Denemarken, waar een wilgenboerderij met eigen compostering op het programma stond. Naast 500 ha wilgenplantages, beheert de boerderij van Ny Vraa in totaal 5.000 ha percelen met wilgen. Een deel hiervan verwerken ze tot een houtcompost, die aan 130 euro per ton wordt verkocht. 

Het Deense afval- en energiebeleid is toegelicht door Solum. Er zijn enkele duidelijke verschillen op te merken met het Vlaamse (en Zweedse) beleid rond (groen)afvalverwerking. Men zamelt jaarlijks zeer grote hoeveelheden groenafval in (730.000 tot 830.000 ton per jaar), terwijl slechts 270.000 ton gecomposteerd wordt. Het overige groenafval wordt verkleind. De grove, houtige fractie gaat naar biomassaverbranding. De fijne fractie – tot 40% (!) – wordt dan weer door landbouwers ondergeploegd. De reden hiervoor is een gebrek aan een duidelijk afval- en materialenbeleid. Dit is ook meteen de reden waarom Ny Vraa liever geteeld wilgenhout composteert dan hiervoor selectief ingezameld groenafval te gebruiken. HortiAdvice gaf toelichting bij de Deense tuinbouw, fruitteelt en groenteteelt. 

Donderdag 4 september

Tijdens de laatste dag bezochten we de installatie van AST Nibe, die biofibers produceert uit een dikke fractie digestaat. Deze vezels kunnen als veenvervanger (o.a. in de champignonteelt) of als biomassa worden gebruikt. Het grote voordeel van deze biofiber tegenover onbehandelde dikke fractie digestaat is het feit dat een groot deel van de zouten en fosfaten uitgewassen worden. 

De biofiber van AST Nibe wordt door substraatproducent Pindstrup, ons laatste bedrijfsbezoek, gebruikt om veen te vervangen. Daarnaast produceert Pindstrup haar eigen houtvezel op de site. Ook de wilgencompost van Ny Vraa is een vaste waarde in verschillende substraatproducten. Door het gebruik van deze alternatieven wil Pindstrup meer duurzame substraten en potgronden maken. Toch is Pindstrup ook kritisch over de trend naar steeds meer veenvervanging. Minder veen veronderstelt bijvoorbeeld vaak meer transport van andere substraten, extra irrigatie tijdens de teelt, meer bemesting, maar ook extra uitval. Dit moet mee in rekening worden gebracht als de ecologische winsten van veenvervanging worden becijferd.

Besluit

In vergelijking met Vlaanderen is het duidelijk dat het Zweedse en Deense beleid meer focussen op energieproductie en minder op materiaalrecyclage. Toch zijn sectoren als de substraatsector ook hier op zoek naar duurzame, uit afval geproduceerde bestanddelen om veen te vervangen. Afzet in de landbouw van het digestaat is duidelijk makkelijker in Zweden en Denemarken en gebonden aan weinig regels. Ook de weidsheid van het landschap en de ruime opzet van bedrijven is in Zweden en Denemarken anders dan in Vlaanderen.

Ondanks deze verschillen hebben we heel wat inspiratie opgedaan bij de innovaties op de bezochte bedrijven. 

Het waren leerrijke dagen. Er is veel kennis uitgewisseld, met de Zweedse en Deense bedrijven, maar ook onderling, tussen de leden van Vlaco. We hebben elkaar beter leren kennen, een duidelijker beeld gekregen van de activiteiten van andere leden, die mogelijk kunnen leiden tot nieuwe samenwerkingen.